Laat Aap en Tijger deelnemen aan een kringgesprek waarbij Aap er doorheen praat en het met hulp van de leerlingen goed gaat doen:
Aap en Tijger zitten op uw schoot. Begin een gesprek met de klas, bijvoorbeeld over wat de leerlingen gisterenavond hebben gegeten. Laat Aap een paar keer door het verhaal van kinderen heen praten.
Richt u tot de kinderen en vraag wat er aan de hand is: Aap praat voor zijn beurt. Nodig een van de kinderen uit om Aap te vragen of hij even wilt stoppen met praten.
Laat Aap stoppen en een beetje teleurgesteld reageren: ‘Ik was net zo lekker aan het vertellen!’
Erken de behoefte van Aap: ‘Ja Aap, ik begrijp dat je wilt praten maar dat doen we niet allemaal tegelijk. Anders kunnen we elkaar niet verstaan.’
Richt u tot de leerlingen: ‘Wie kan Aap vertellen hoe we met elkaar praten en luisteren in de groep?’. Nodig een aantal leerlingen uit.
Laat Aap positief reageren, u vervolgt het gesprek met uw klas en Aap praat niet meer door kinderen heen (of misschien nog één keer per ongeluk).
Vraag de leerlingen Aap een opsteker te geven.
Herhaal de regels en afspraken die bij de kinderen al bekend zijn op het gebied van met elkaar praten, maak hierbij gebruik van de illustraties VERTELLEN en LUISTEREN.
Vertel dat u vandaag samen met de kinderen een nieuwe afspraak gaat maken over praten met elkaar, zodat het nog beter gaat. Maak helder waarover u een afspraak wilt maken. Demonstreer met een kind wat nog niet zo goed gaat. Vertel nog niet door welke afspraak het probleem opgelost kan worden!
Laat alle leerlingen actief meedenken door gebruik te maken van de coöperatieve werkvorm TweeGesprek Op Tijd:
- Maak tweetallen.
- Geef denktijd over de vraag ‘Wat kunnen we doen …(bijvoorbeeld: als we een vraag willen stellen)?’
- Geef aan dat de kleinste mag beginnen. Vertel dat u straks aan een paar kinderen terugvraagt wat ze gehoord hebben.
- Houd de tijd in de gaten en geef een signaal om te wisselen (na een halve minuut).
- Inventariseer wat besproken is met de Vreedzame school-bal.
- Vul eventueel zelf ook nog aan.
Maak op grond hiervan een afspraak.
Schrijf en teken de nieuwe en ‘oudere’ regels en afspraken op het papier. Schrijf bovenaan de poster: ‘Zo praten we met elkaar’.